Raúl Castro: ‘We verdedigen ons éénpartijsysteem tegenover het spel van demagogie en politiek opbod’

Op 28 en 29 januari ging in Cuba de partijconferentie door, aangekondigd in april 2011 tijdens het 6e congres van de Cubaanse Communistische Partij. Ze vormde het sluitstuk van 9 maanden discussie op alle niveaus van de partij en van de jongerenorganisatie UJC, Unión de Jóvenes Comunistas.

De datum was niet toevallig gekozen. De conferentie startte op de 159e verjaardag van de geboorte van José Martí. De man was niet alleen een topintellectueel, en nationale vrijheidsheld, maar ook stichter van de Cubaanse Revolutionaire Partij, voorloper van de PCC als unieke partij, in 1892. Fidel noemde hem, op zijn proces na de aanval op de Moncadakazerne, de ‘intellectuele auteur’ van die actie.

Aan de conferentie zelf gingen niet minder dan 65.000 vergaderingen vooraf, in alle basisgroepen van de partij en van de UJC. Op die vergaderingen werden meer dan een miljoen amendementen aangebracht op de basistekst voor het congres. Dat resulteerde in de aanpassing van 78 van de 96 stellingen van het document en het toevoegen van 5 nieuwe. Dat diepgaande debat liet de partij meteen toe om een analyse te maken van de sterke en zwakke punten van haar basisstructuren.

811 verkozen afgevaardigden vertegenwoordigden de meer dan 800.000 partijleden. Op 28 en 29 januari zetelden uiteindelijk 806 van hen in de vier commissies die elk een thema behandelden. Het ging over het functioneren, de methodes en de werkstijl van de partij; het politiek en ideologisch werk;  de kaderpolitiek en de relaties van de partij met de UJC en de massaorganisaties. Na twee dagen discussies kwamen ze tot een consensus over de slottekst die 101 doelstellingen vastlegde voor het werk en de werking van de CCP. In zijn slottoespraak bracht partijvoorzitter Raúl Castro een aantal kernpunten naar voor.

De partij blijft maar haar werkstijl moet veranderen

De partij blijft onveranderd gebaseerd op het ideeëngoed van José Martí en op het marxisme-leninisme. Maar haar werkstijl moet veranderen. Het gaat onder meer over de taakverdeling tussen de partij en de overheid. Elk heeft zijn eigen taak. Waar de partij in de voorbije jaren zich al te gemakkelijk liet verleiden om feitelijk te besturen, moet ze zich leren beperken tot wat haar job is: moreel leiding geven. De taak van de partij is dus controleren, stimuleren, ondersteunen ook, maar zeker niet de overheid vervangen. Nieuw zijn die principes niet. Ze waren al vervat in de besluiten van de eerste partijconferentie, zo’n 40 jaar geleden, en moeten dringend weer van onder het stof gehaald worden, aldus Raúl Castro.

Stop discriminatie

Binnen de partij moet alle discriminatie uitgeroeid worden tegenover groepen die een maatschappelijke achterstand in te halen hebben op vlak van leidinggeven: vrouwen, gekleurde mensen en jongeren. Op dit moment is de verhouding vrouwen in leidinggevende functies in opmars. Momenteel halen ze 37% in de overheidsorganen en 41 % in het parlement. De conferentie bracht zelf geen vernieuwing in de leden van het Centraal Comité van de partij, maar geeft dat orgaan de bevoegdheid om zelf tot 20 % van haar leden te vervangen via coöptatie. Bovendien wordt verder werk gemaakt van een maximum van twee termijnen van vijf jaar in alle leidinggevende functies. De vervanging van de huidige leiding zal beetje bij beetje gebeuren. De noodzakelijke aanpassingen aan de grondwet, wat betreft de overheidsfuncties en aan de statuten van de partij, zijn lopend.

Ethiek op de commandopost

De PCC wil weg van holle slogans en voorgefabriceerde frases. Niet woorden maar daden zijn van tel. Een ethische houding op alle vlakken moet een breekpunt zijn voor elke partijmilitant en zeker voor de kaders. Elke partijmilitant moet een voorbeeld zijn voor zijn omgeving. Kader kan je slechts worden op basis van een correcte houding en van je realisaties.

In de actuele fase staat de strijd tegen de corruptie op de eerste plaats. Momenteel is een campagne aan de gang om alle  gevallen van corruptie aan te pakken. Corruptie is, volgens de Cubaanse partijvoorzitter Raúl Castro, een grotere valkuil voor het voortbestaan van de revolutie, dan de miljoeneninvesteringen van de VS-overheid om de Cubaanse revolutie te vernietigen. Bijgevolg zullen corrupte elementen aangepakt worden, wat ook hun functie of positie is. Onvermijdelijk zal naast een proces ook een uitsluiting uit de rangen van de partij volgen.

De democratie ontwikkelen

Alle verouderde denkschema’s moeten er uit en de democratie binnen de partij moet resoluut verbeterd worden. Iedereen moet zijn kritiek kunnen uiten, binnen de structuren uiteraard. De pers moet daar bovendien een prominente rol in spelen. Gedaan met opportunisme, formalisme en valse eenheid, pleit Raúl. In de plaats moet er ruimte zijn voor eerlijke discussie en voor kritiek, ook op de beslissing van een meerdere. Iedereen wordt geacht bereid te zijn om zijn werk kritisch te laten beoordelen en eruit leren. Een revolutie zonder fouten bestaat immers niet, want ze is mensenwerk en mensen zijn niet perfect.

De ruimte voor democratie is fundamenteel in een een-partijsysteem, benadrukt Raúl Castro. Elke Cubaan die zijn vaderland respecteert moet zich kunnen terugvinden in de partij. Want Cuba is niet van plan om af te stappen van de erfenis van Martí. Het politiek en sociaal systeem dat sinds de revolutie van 1959 opgebouwd is met massale steun van de bevolking wordt niet opzijgezet. De eerste maatregel die de VS troffen nadat ze Cuba hadden ‘helpen’ bevrijden van de Spanjaarden eind negentiende eeuw, was het opheffen van de revolutionaire eenheidspartij om ze te vervangen door een meerpartijensysteem. De resultaten daarvan zijn in Cuba meer dan gekend en die geschiedenis is niet voor herhaling vatbaar.

De eenheidspartij is voor Cuba een strategisch wapen tegen het imperialisme. “Afstappen van het principe van de eenheidspartij komt simpelweg neer op het legaliseren van de partij of de partijen van het imperialisme op onze vaderlandse bodem. Het staat gelijk aan het opgeven van het strategisch wapen dat de eenheid van ons volk is. En het is juist die eenheid die de dromen van onafhankelijkheid en sociale gerechtigheid waarvoor zovele generaties, van Hatuey over Céspedes tot Martí en Fidel gevochten hebben.”

Met alle respect voor landen die er anders over oordelen, is Cuba niet van plan over te stappen naar het systeem van de zogenaamde representatieve democratie. Uiteindelijk komt daar de politieke macht terecht in handen van de klasse die  economische de touwtjes in handen heeft. Als de meerderheid er in die landen een andere opinie op na houdt wordt ze geconfronteerd met brutale repressie en het medeplichtig zwijgen van de internationale media. Geen politiek opbod dus in Cuba en geen demagogische spelletjes tussen de partijen.

Raúl sloot de conferentie af met een groet aan de Cuban Five: “De lijnen zijn uitgezet. Laten we vooruitgaan met de besluitvaardigheid, de ideologische standvastigheid, de waardigheid en de onverstoorbaarheid, die onze vijf helden reeds meer dan 13 jaar laten zien, ondanks hun onterechte opsluiting. Nooit zullen we de strijd voor hun vrijheid staken. We groeten hen vanwege de Cubaanse communisten en het hele volk.”