Belgen krijgen toegang tot Cuban Five

Op 12 september zullen de Cuban Five dertien jaar opgesloten zitten in Amerikaanse gevangenissen, ondanks protest van de Verenigde Naties en van Amnesty International. Belgische sympathisanten kregen toegang tot Gerardo Hernández, één van de Cuban Five, en konden hem enkele vragen stellen. Hernández werd veroordeeld tot twee keer levenslang plus vijftien jaar.

De Cuban Five zijn op Cuba uitgegroeid tot een nationaal symbool. Overal waar je komt zie je hun afbeelding. Is dat geen grote verantwoordelijkheid om dragen?

Gerardo Hernández (foto rechtsonder): «Ja inderdaad, het is een grote verantwoordelijkheid. Vooral omdat we in ons geval niet voor een specifieke gelegenheid op een specifieke dag in de kijker gezet worden, waarna het leven gewoon doorgaat. Onze zaak is nu 13 jaar aan de gang. Er is al een generatie Cubaanse kinderen opgegroeid met de Cuban Five. Dat verplicht ons dus om sterk te blijven, om ons goed te houden in deze moeilijke en soms uitzichtloze situatie. Maar anderzijds kan je niet geloven hoeveel steun er komt van een brief van een Cubaantje dat je schrijft dat het je verhaal kent, dat het zo sterk zou willen zijn als jij en dat je nog veel goede moed toewenst.»

In hoeverre zijn jullie op de hoogte van de gevoerde campagnes? Hebben jullie zeggenschap over de inhoud van die campagnes?

«Uiteraard zijn we op de hoogte, maar de restrictieve omstandigheden waarin we gevangen zitten en de zeer beperkt communicatie met de buitenwereld maken het zeer moeilijk voor ons om greep te hebben op de campagnes. Toch worden we zoveel mogelijk geraadpleegd. Zo maakte ik ooit het vijfje met de Cubaanse vlag erin verwerkt dat sinds jaar en dag symbool staat voor de campagne voor onze vrijheid. Eigenlijk is het vooral onze familie in Cuba die betrokken is. Ze zijn onze belangrijkste ‘ambassadeurs’ en heel actief in de campagne. De Cubaanse overheid en alle mogelijke Cubaanse instellingen en verenigingen steunen ze op alle vlakken. Dat is enorm belangrijk. Het heeft ons de armslag die we nodig hebben om vooruit te geraken en de muur van stilte rond onze zaak te slopen.»

Heeft het aantreden van de Democratische president Barack Obama iets veranderd?

«Om eerlijk te zijn, is er met Obama niet zoveel veranderd. Hij maakte enkele maatregelen tegen Cuba ongedaan, maar fundamenteel deed hij niet meer dan terugkeren naar hoe het was vóór Bush president werd. Wat we nodig hebben is een Amerikaans president, Democraat of Republikein, die de Cuba-politiek van de VS niet langer laat gijzelen door een kleine anti-Cubaanse lobby in Miami, maar die het aandurft een politiek te voeren waar zowel het Amerikaanse als het Cubaanse volk beter van wordt."

Waarom is het zo moeilijk om u te bezoeken? Geldt dat ook voor bezoek van familie?

«Met dat bezoek zijn er verschillende problemen. Om te beginnen zit ik opgesloten in een federale hogeveiligheidsgevangenis. Dat betekent dat ik maar recht heb op bezoek van tien mensen, die goedgekeurd moeten worden door de gevangenisdirectie.  Enerzijds zijn daar een aantal voorwaarden aan verbonden, maar anderzijds is er soms sprake van goodwill of willekeur bij die beslissing, zonder dat je daar de minste vat op hebt.

Verder is er het visumprobleem. De Amerikaanse overheid beslist wie van onze familieleden een inreisvisum krijgt en wie niet. Mijn echtgenote Adriana wordt al gedurende 13 jaar een inreisvisum geweigerd, zonder dat daar een reden wordt voor opgegeven. Ze kan me dus niet komen bezoeken en dat is bijzonder zwaar voor jonge mensen zoals wij.

Tenslotte zijn er de logistieke problemen. We zijn alle vijf opgesloten in een andere gevangenis, verspreid over de vijf uithoeken van de VS. Overal zijn we moeten gaan zoeken naar een ondersteunend netwerk. Want deze gevangenissen liggen allemaal sterk geïsoleerd. Zonder wagen geraak je er bijvoorbeeld al niet. Als mijn zus of mijn neef overkomen voor een maand om mij drie keer of vier keer te kunnen zien, in de WE, moeten ze bovendien een hele maand hotel betalen. Het wordt hen door immigratie verboden om bij particulieren te logeren. Je begrijpt dat dit een enorme kost is. Om de haverklap zijn er ook ongeregeldheden in de gevangenis. De gevangenen die hier zitten kijken meestal aan tegen levenslang, er is veel uitzichtloosheid en onderling geweld. Telkens wordt de gevangenis dan voor één of meerdere dagen onder een restrictief regime geplaatst. Bezoek is dan niet toegestaan. Zo kan je gemakkelijk een maand overkomen uit Cuba en de helft van de tijd niet binnen geraken. Het is echt heel moeilijk.»

Hoe hou je dit vol?

«Toen ik in ’98 een eerste keer verschillende maanden in volledige afzondering werd opgesloten, was dat een echte hel. Niemand wist af van onze zaak, we stonden er volledig alleen voor. Nu is dat helemaal anders. De steun van zoveel mensen wereldwijd is een echte bron van energie. Dat verschillende ministers van jullie land, waaronder de huidige eerste minister, zich hebben uitgesproken voor onze zaak, dat is van onschatbare waarde. Weten dat de wereld ons niet vergeet en dat aan onze zaak gewerkt wordt, is wat ons staande houdt.»



Katrien Demuynck, Gerardo Hernández en Marc Vandepitte, 18 07 2011

bron: Metro en eigen notities

BijlageGrootte
Metro_Cuba_Five1.pdf933.65 KB