HAVANA: de ambassadeurs van de ALBA vragen aan de SINA de vrijlating van Cubaanse gevangenen in de VS

De ambassadeurs en diplomatieke vertegenwoordigers van de ALBA in Cuba overhandigden op vrijdag 17 december een brief voor president Barack Obama aan de Afdeling voor de Belangen van de Verenigde Staten (SINA) in Havana, ondertekend door meer dan 25 diplomaten van de hele wereld, ten voordele van de vrijlating van de vijf antiterroristen van het eiland.

Dit initiatief van de Ambassade van de Bolivariaanse Republiek Venezuela werd bijgesprongen door diplomatieke vertegenwoordigingen van Latijns-Amerika en de Caraïben, Afrika, Azië en Europa, die in de brief ook de toekenning vroegen van humanitaire visa voor twee van de echtgenotes van de Cuban Five.

De Venezolaanse ambassadeur, Ronald Blanco La Cruz, legde er de nadruk op dat deze vraag neergelegd wordt op een moment van het jaar waarop families verenigd horen te zijn, vooral als zij een goede zaak vertegenwoordigen.

Van zijn kant merkte Luis Cabrera, ambassadeur van Nicaragua in Cuba, op dat deze mannen enkel hun vaderland wilden verdedigen tegen het terrorisme, dat uitgelokt en georganiseerd wordt door personen die op dit moment vrij rondlopen in de straten van de Verenigde Staten.

Zo ook onderstreepte Dexter Rose, de ambassadeur van San Vicente en de Granadinas in Cuba, dat het een humanitaire kwestie is dat de Verenigde Staten visa toekennen aan Olga Salanueva en Adriana Pérez. De vrouwen hebben hun echtgenoten al meer dan 10 jaar niet meer gezien.

Bovendien waren ook de ambassadeur van Ecuador, Edgar Ponce, en de zaakgelastigde minister van Bolivia in Cuba, Richard Rioja, aanwezig bij de officiële overhandiging van de brief, en dit als vertegenwoordigers van de meer dan 25 ambassadeurs die de brief ondertekenden.


BRIEF AAN OBAMA
1 augustus 2010

Excellentie Barack Obama
President van de Verenigde Staten
Het Witte Huis
Washington, D. C. 20500

CC: Hillary Rodham Clinton
Staatssecretaris van de Verenigde Staten

CC: Jonathan D. Farrar
Afdeling van de Belangen van de Verenigde Staten in Havana

Geachte Heer President:

Wij richten ons tot U om uw tussenkomst te vragen ten voordele van Olga Salanueva en Adriana Pérez. Zij proberen bezoekersvisa voor de Verenigde Staten te krijgen, om een bezoek te brengen aan hun respectievelijke echtgenoten, René González en Gerardo Hernández.

Gerardo Hernández zit opgesloten in de federale gevangenis van Victorville in de Staat California. Zijn gevangenennummer is 58739-004. Hij zit onterecht twee maal levenslang plus 15 jaar gevangenisstraf uit. Zoals U weet, ging Gerardo naar de Verenigde Staten om terroristische aanslagen te voorkomen tegen onschuldige burgers in Cuba, die gepland worden in de extremistische kringen van de Cubaans-Amerikaanse gemeenschap in Miami. René González verblijft in de federale gevangenis van Marianna in de Staat Florida, waar hij een veroordeling van 15 jaar uitzit, eveneens onterecht, wegens het verdedigen van zijn land tegen het terrorisme vanuit Miami. Zijn gevangenennummer is 58738-004. Gerardo en René maken deel uit van een groep politieke gevangenen die bekend staan onder de naam “de Vijf”. Zij zitten reeds sinds 1998 gevangen in de Verenigde Staten.

Mijnheer de President, wij, de aangestelde ambassadeurs in de Republiek Cuba, die deze brief ondertekenen, verzoeken om humanitaire redenen uw tussenkomst ten voordele van Olga Salanueva en Adriana Pérez. Zij vragen enkel het fundamenteel recht om hun echtgenoten te bezoeken in de strafinstellingen waar zij opgesloten zijn. De Afdeling van de Belangen van de Verenigde Staten in Havana heeft hun inspanningen tegengewerkt door hun de visa om hun echtgenoten te bezoeken te weigeren. De Afdeling baseert zich op beslissingen die genomen zijn in het Staatsdepartement en oordeelt dat zij niet kunnen toegelaten worden in het land omwille van de nationale veiligheid. Dit is absurd, want Olga en Adriana betekenen geen enkele bedreiging voor de Verenigde Staten en willen enkel hun recht uitoefenen om tijdelijk hun echtgenoten te bezoeken.

Wij vrezen dat de permanente weigering van de regering van de Verenigde Staten tegenover René en Gerardo om bezoek te ontvangen van hun echtgenotes, een extreme en ongebruikelijke straf is, bovenop de al erg strenge vonnissen opgelegd door het Tribunaal van Miami. Dit is een onnodig zware straf en volledig in tegenspraak met de gebruikelijke normen, zowel wat de humane behandeling van de gevangenen betreft, als de verplichting van een land om het familiale leven van de personen binnen het territorium te beschermen.

Het internationaal recht erkent het belang van de familie voor personen die van hun vrijheid beroofd zijn. René en Gerardo hebben recht op het bezoek van hun levensgezellinnen en Olga en Adriana hebben het recht om hun echtgenoten te bezoeken in de gevangenis. Hun liefde duurt voort ondanks de lange gevangenisstraffen, waaraan zij onderworpen zijn.

Wij vragen uw aandacht voor enkele basisprincipes van het internationaal recht, zoals de minimumregels voor de behandeling van opgesloten personen, aangenomen in het kader van het eerste Congres van de Verenigde Naties, gehouden in Genève in 1955, over de behandeling van delinquenten: “Het contact met de buitenwereld. De gevangenen hebben de toestemming om regelmatig contact te hebben, onder de nodige bewaking, van familieleden en vrienden met een goede reputatie, via briefwisseling en bezoek”. “De sociale relaties en de bijstand na het uitzitten van de gevangenisstraf. Er zal vooral gewaakt worden over het onderhouden en verbeteren van de relaties tussen de gevangene en zijn familie”. Deze normen moeten gehanteerd worden door alle landen die dit akkoord ondertekenden, waaronder de Verenigde Staten van Amerika.

Wij zijn ook bezorgd om de toekenning van bezoekersvisa voor Olga en Adriana omwille van de ernstige vragen die gesteld worden betreffende de redelijkheid van de veroordelingen. De Werkgroep over de Willekeurige Aanhoudingen van de Verenigde Naties, sprak zich in 2005 uit over het feit dat de Vijf willekeurig van hun vrijheid beroofd zijn, en dat de Verenigde Staten hun juridische verplichtingen niet nakwamen om hun een rechtvaardig proces te garanderen. René en Gerardo hebben een habeus corpus verzoek ingediend, dat momenteel hangende is bij de Edelachtbare Rechter Joan Lenard van het Federaal Tribunaal van het District Zuid-Florida, en waarin gevraagd wordt om de veroordelingen te niet te doen, wegens de schendingen van de grondwettelijke rechten, die in hun geval gebeurd zijn.

De weigering vanwege de Afdeling van de Belangen en het Staatsdepartement van de Verenigde Staten om bezoekersvisa te overhandigen aan Olga Salanueva en Adriana Pérez is willekeurig en grillig. Zij vertegenwoordigen geen bedreiging voor de Verenigde Staten en zijn enkel echtgenotes die zich tijdelijk met hun echtgenoten willen verenigen.

Bij ons weten, valt de kwestie van het uitschrijven van de bezoekersvisa in het geval van Olga Salanueva en Adriana Pérez, onder de jurisdictie van de Afdeling Belangen van de Verenigde Staten in Havana en het Staatsdepartement. Daarom sturen wij hen ook een kopie van deze brief.

Wij vragen respectvol en om humanitaire redenen, dat U zou tussenkomen in naam van Olga Salanueva en Adriana Pérez, en dat U de opdracht zou geven aan het Staatsdepartement en de Afdeling Belangen van de Verenigde Staten in Havana, om hen bezoekersvisa te geven voor de Verenigde Staten, in overeenstemming met de wetten van de Verenigde Staten en het internationaal recht, opdat zij op die manier een kort bezoek zouden kunnen brengen aan de Verenigde Staten, ten einde persoonlijk een tijd met hun echtgenoten door te kunnen brengen.

Landen die de brief ondertekenden, die overhandigd werd op het Kantoor van de Belangen van de Verenigde Staten in Cuba, op vrijdag 17 december 2010, door de ambassadeurs van de lidstaten van de Bolivariaanse Alliantie voor de Volkeren van ons Amerika (ALBA).


Volksrepubliek Congo

Republiek Nicaragua

Republiek Ecuador

Bolivariaanse Republiek Venezuela

Plurinationale Staat Bolivia

Republiek Saharaui

Republiek Oost-Timor

Arabische Republiek Syrië

Republiek Libië

Republiek Mali

Democratische Volksrepubliek Korea

Republiek Namibia

De Staat Palestina

Het Gemenebest van Dominica

Republiek Oekraïne

Republiek Zuid-Afrika

Republiek Mongolië

Republiek van de Filippijnen

Republiek Guinée Bissau

San Vicente en Grenada

Republiek Paraguay

Republiek Cyprus

Republiek Iran

Republiek Gambia

Republiek El Salvador

 

De brief werd aan de SINA overhandigd, om twee uur ’s middags, door de ambassadeurs:

Luis Cabrera, van Nicaragua

Ronald Blanco La Cruz, van Venezuela

Edgar Ponce, van Ecuador

Dexter Rose, van San Vicente en de Granadinas

Richard Rioja, Zaakgelastigde van de Plurinationale Staat Bolivia.


Bron: http://contrainjerencia.com
Vert. Gerda Kooyman
 

HAVANA: de ambassadeurs van de ALBA vragen aan de SINA de vrijlating van Cubaanse gevangenen in de VS
HAVANA: de ambassadeurs van de ALBA vragen aan de SINA de vrijlating van Cubaanse gevangenen in de VS
HAVANA: de ambassadeurs van de ALBA vragen aan de SINA de vrijlating van Cubaanse gevangenen in de VS