Nog meer intriges in de zaak tegen De Vijf

Wayne S. Smith

In een nog te verschijnen boek wordt uitgelegd hoe de anti-Castristen van Miami het Witte Huis nog steeds een hatelijke Cuba-politiek weten op te leggen die ingaat tegen de eigen belangen van de VS.

Wayne Smith (79jaar) is allerminst een linkse Cubaverdediger. Hij is universitair, Koreaveteraan, daarna verbonden aan het State Departement en Secretaris Generaal van de ‘Latin American Task Force’ van President JFK. Hij was Amerikaans vertegenwoordiger in de informele Amerikaanse ‘Ambassade’ (US Interest Section of the Swiss Embassy) in Havana tussen 1979 en 1982. Hij stapte op uit onvrede met de politiek van President Ronald Reagan. Sindsdien schrijft hij kritische boeken en artikels over de Cubapolitiek van de VS. Hij pleit voor een radicale verandering in dit ‘relikwie van de koude oorlog’.

 
Het boek van Stephen Kimber dat straks verschijnt: “Wat ligt er aan de andere kant van het water” (What Lies Across the Water?) is wellicht het meest complete over de zaak van De Vijf dat ik ooit las. Het bezorgde me wel een erg triest gevoel en dat is niet verwonderlijk want de zaak besmeurt reeds lang het imago van de VS als land van gerechtigheid, eer en eerlijkheid. Kimber bevestigt dat de het proces in 2001 een complete farce was en daarom op massaal internationaal protest stuitte, o.a. van 10 Nobelprijswinnaars, honderden juristen, parlementsleden en diverse organisaties over de hele wereld, die samen 12 ‘Amicus Brieven’ verstuurden nar het Opperste Gerechtshof met de vraag de zaak te herzien. En, voor het eerst in de geschiedenis, veroordeelde de VN –Mensenrechtencommissie een proces in de VS.
 
Kimber volgt de weg van De Vijf die aangesteld werden als undercover agenten, niet om tegen de VS te werken maar om informatie te verzamelen over terroristische activiteiten tegen Cuba. De Cubaanse regering nodigde dan de FBI uit om te spreken over de bewijzen van dergelijke terroristische activiteiten en plannen die De Vijf hadden verzameld. Die ontmoeting vond plaats in juni 1998. De Cubanen hoopten dat de VS zou optreden tegen deze terroristen, maar dat gebeurde niet. In plaats daar van werden De Vijf, die veel van dat bewijsmateriaal hadden verzameld, opgepakt.
 
Op dat moment deed ik dat af als een zoveelste voorbeeld van het feit dat de VS-regeringen chronisch onbekwaam zijn rationeel te reageren op Cuba, en om te doen wat echt in het belang van de VS zou zijn. Na de lectuur van Kimber’s boek zie ik in dat er veel meer aan de hand was. Ik wist van de ontmoeting van de FBI in Havanna af, maar weinigen wisten, en ook ik niet dat deze ontmoeting een initiatief was van Fidel himself die de boodschap liet afleveren door Gabriel Garcia Marquez (Colombiaans Nobelprijswinnaar litteratuur, bekendste werk: Honderd jaar eenzaamheid) aan Thomas Mack Larty, topadviseur m.b.t. Latijns-Amerika van president Clinton en aan drie topmensen van de Nationale Veiligheidsraad. De kern van de boodschap was een suggestie om samen te werken tegen het terrorisme in de Cubaanse gemeenschap in de VS; dit n.a.v. de ontdekking van nieuwe plannen voor bomaanslagen tegen vliegtuigen zoals de aanslag die eerder door Luis Posada Carriles werd gepleegd. Volgens Marquez was de eerste reactie van de Amerikanen duidelijk positief.
 
Wat is er dan nadien gebeurd? Waarom draaide het volledig anders uit dan voorzien? Kimber denkt dat het te maken heeft met de aanstelling van een nieuwe verantwoordelijke bij de FBI:Hector Pesquera die dicht bij de hardliners van de Cubaanse gemeenschap staat. “In een interview met Radio Miami zei Pesquera, kort na het verdict, dat hij er mee voor gezorgd had dat zijn agenten de focus verlegden van contraspionage tegen de spionnen naar het opstellen van aanklachten tegen hen” schrijft Kimber (p 286). En “ Na het verdict tegen De Vijf was Pesquera er snel bij om de pluimen op zijn hoed te steken voor het overtuigen van Washington voor zijn plan, m.a.w. om De Vijf op te pakken i.p.v. de terroristen. Hij liet de Miami Herald schrijven dat “ de zaak nooit tot een proces was gekomen als hij daar niet rechtstreeks voor tussengekomen was bij FBI directeur, Luis Freeh “ (ibid.)
 
Kimber schrijft verder dat “ Pesquera tegelijk duidelijk het onderzoek naar de terroristen ontmoedigde. Een FBI-agent vertelde journaliste Annie Bardach dat het een makkie zou zijn om Luis Posada Cariles te arresteren en onder beschuldiging te stellen, maar toen de baas (Pesquera) neen! zei omdat “ velen hem hier een vrijheidsstrijder vinden” waren we gechoqueerd. Het hele Posada onderzoek werd afgesloten!” (ibid). Kimber heeft tevergeefs ettelijke keren geprobeerd Pesquera te interviewen. Die trok zich uiteindelijk terug uit de FBI en beantwoorde gewoon Kimber’s e-mails niet meer.
 
Het resultaat was dus compleet het tegenovergestelde van wat tijdens de vergadering in het Witte Huis was overeengekomen. I.p.v. inspanningen te doen om terroristen tegen te houden, staken de VS De Vijf achter slot en grendel na een beschamend proces. De openbare aanklager had geen enkel bewijsmateriaal en viel dus maar terug op de oude truc van de aanklacht van ‘samenzwering tot’ het plegen van illegale daden. Zonder bewijs werden ze veroordeeld in Miami waar het anti-Castrisme zo hoog scoorde na de zaak Elian Gonzalez dat er uiteraard geen mogelijkheid was daar een onpartijdige jury samen te stellen. Toch werd –ongelooflijk maar waar – de vraag van de verdediging om het proces elders te laten doorgaan, afgewezen.
 
Het ergste was de veroordeling van Gerardo Hernandez die beschuldigd werd van ‘samenzwering tot moord’ en daarvoor twee maal levenslang kreeg plus vijftien jaar!. Dit omdat hij zou bijgedragen hebben aan het neerschieten (door de Cubanen) van twee vliegtuigjes van de ‘Brothers of Rescue’ in februari 1996 (nvdr: na herhaaldelijke waarschuwingen dat ze het Cubaans luchtruim schonden en dat ze eruit zouden gehaald worden). Het was duidelijk geen bezwaar dat zijn betrokkenheid daarbij geheel onbewezen bleef. Daardoor verblijft hij nog steeds achter tralies, vaak in eenzame opsluiting en na al die jaren zonder één toelating tot bezoek voor zijn vrouw!
 
Wat met goede bedoelingen begon tijdens die Witte Huis vergadering zoveel jaren geleden, eindigt dus -voorlopig toch – in schande!