Seksualiteit in Cuba: geen taboes, wel problemen

Weinig of geen taboes in Cuba. Voorbehoedsmiddelen zijn makkelijk verkrijgbaar, abortus is volledig legaal en gratis (want deel van de openbare gezondheidszorg) en zelfs een geslachtsverandering is toegestaan. Cuba beschikt over een vooruitstrevend wettelijk kader om de seksuele gezondheid van haar bevolking te garanderen. 

Alles begint bij seksuele voorlichting, die in Cuba onder impuls van het Nationaal Centrum voor Seksuele Opvoeding CENESEX, van een louter biologisch en reproductief gestoelde aanpak uitgroeide tot een integrale aanpak met een uitgesproken focus op gender en diversiteit.

Van biologieles naar integrale seksuele voorlichting

Mariela Castro Espín, directrice van FOS-partner CENESEX, schetst een beeld van deze evolutie: “Reeds in de jaren ’60 sneed de Cubaanse Vrouwenfederatie (FMC) de thema’s reproductieve gezondheid en seksuele opvoeding in het tijdschrift Mujeres aan. FMC lobbyde voor een abortuswet die al in 1965 werd uitgevaardigd. In 1972 werd het eerste nationale programma voor seksuele voorlichting uitgewerkt en in de praktijk gebracht.

Het thema Gelijke Rechten voor de Vrouw stond op de agenda´s van het 2de congres van FMC (1974) en het 1ste congres van de Cubaanse Communistische Partij (1975). De debatten resulteerden in de Familiewet van 1975, in die periode als een van de meest vooruitstrevende beschouwd. Deze wet stelde o.a. de integratie van de seksuele opvoeding in de sociale staatspolitiek voorop. In de jaren ‘80 beperkte de seksuele voorlichting zich tot het informeren, tijdens de biologieles van het laatste jaar van het lager middelbaar onderwijs, over de werking van de geslachtsorganen, de preventie van soa’s en tienerzwangerschap. De interpersoonlijke relaties, de seksuele diversiteit en de sociale rollenpatronen kwamen niet aan bod.

Met de oprichting van CENESEX (1989) kwam daar verandering in. Na heel wat inspanningen werd in 1996 het programma “Voor een verantwoordelijke en gelukkige seksuele opvoeding” in de scholen ingevoerd. In de loop van de jaren werden aangepaste technieken ontwikkeld om kinderen, pubers en adolescenten op een creatieve manier voor te bereiden op hun seksuele, reproductieve en familieleven, met oog voor seksuele diversiteit in de samenleving.”

De seksuele opvoeding van de Cubaanse bevolking wordt dus gegarandeerd door een uitstekend wettelijk en operatief kader. Bovendien haalt Cuba een hoge standaard van seksuele gezondheid, inclusief kosteloze toegang tot voorzieningen (anticonceptie, veilige abortus, begeleiding van zwangere vrouwen, enz.) en een gunstige sociale wetgeving betreffende zwanger- en moederschap.

Geen rozengeur en maneschijn

Desondanks blijft Cuba, net zoals heel Latijns-Amerika, kampen met een hoog aantal tienerzwangerschappen: 54 geboorten per 1.000 vrouwen jonger dan 20 jaar. In Europa bedraagt het gemiddelde 18. Hoewel het cijfer voor Cuba tot de laagste van de regio Latijns-Amerika (gemiddeld 82) en de Caraïben (gemiddeld 69) behoort, blijft de situatie de overheid terecht verontrusten. Het betekent immers dat ongeveer een kwart van de Cubaanse vrouwen vóór hun twintigste al moeder is. Deze jonge moeders stellen zich bloot aan een brede waaier van mogelijke problemen; meestal worden studies onderbroken en niet hervat, inschuiven in de arbeidsmarkt wordt moeilijker en er bestaat een verhoogde kans om alleenstaande moeder te worden - jonge vaders nemen immers vaak hun verantwoordelijkheid niet op.

Waarom komen er nog zoveel tienerzwangerschappen voor, ondanks een goed voorlichtingssysteem en voldoende kennis over seksualiteit? Adolescenten worden op steeds jongere leeftijd seksueel actief en gedragen zich zorgeloos tijdens hun eerste seksuele relaties. In Cuba speelt bovendien, door het hoge aantal nieuw samengestelde gezinnen, de verzwakking van de begeleiding binnen het gezin een evidente rol. Daarbovenop zijn ook de media steeds meer geërotiseerd.

Abortus als oplossing

Het hoge aantal tienerzwangerschappen leidt onvermijdelijk tot een opmerkelijk hoog aantal zwangerschapsonderbrekingen bij tieners. In 2012 lag het aantal abortussen iets hoger dan het aantal geboortes in deze leeftijdsgroep. Dit houdt dus in dat ongeveer de helft van de Cubaanse vrouwen vóór hun twintigste al zwanger is geweest! Bovendien verliep in 2012 55% van de zwangerschapsonderbrekingen via een chirurgische ingreep.

Dit heeft uiteraard negatieve gevolgen. Cuba heeft een hoge graad van onvruchtbaarheid (20%) bij vrouwen ouder dan 30 wegens geobstrueerde eileiders, meestal veroorzaakt door abortus. Veel vrouwen beschouwen abortus als een anticonceptiemiddel dat bij ongewenste zwangerschap een laatste maar zekere oplossing is. Deze visie bevordert een onverantwoordelijk gedrag tijdens seksuele relaties.

Collectieve verantwoordelijkheid

Het ombuigen van deze negatieve indicatoren is niet eenvoudig. Een transversale aanpak op verschillende gebieden is nodig. Mayra Rodríguez, vicedirectrice van CENESEX: "Het is een situatie die niet door één enkele instelling kan opgelost worden. Daarom is het zo belangrijk dat de seksuele opvoeding precies op deze leeftijdsgroep gericht wordt en niet als de verantwoordelijkheid van één enkele instelling beschouwd wordt. Het is een thema van sociaal belang, dat alle personen raakt”. Volgens Mayra moet er meer personeel opgeleid worden om tot een doelmatige communicatie over het thema te komen. Ten slotte verduidelijkt ze: “We vertrekken vanuit de stelling dat zwangerschap een recht van de vrouw is, maar vrouwen moeten deze beslissing verantwoordelijk en op basis van correcte kennis nemen.”
 

FOSFOR